vrijdag 30 juni 2017

Much Loved

'Wat, ben ik niet poëtisch genoeg?' Controversieel Marokkaans drama, waarin geen blad voor de mond wordt genomen. Het ultieme hoerengebed in het Verre Oosten luidt: 'Ik wens me een Saudi met weinig pik, en veel geld.' In de eerste sequentie zien we de hoofdpersonages te Marrakesh aan het werk op zo'n feestje. Sheiks die juwelen in het water smijten, en zelfs een dwerg op laten draven. Een gouwe ouwe middeleeuwse orgie, zou je haast zeggen. Met moderne drugs. Terug thuis in hun 'kippenhok' kibbelen de dames wat af. Eén van hen probeert de band met het ouderlijk huis nog in leven te houden, maar haar moeder ziet haar liever gaan. Dochterlief is ver weggedreven van de wereld van traditionele tegels en pruttelende pannen. De prostituée raakt langzaam in haar werk-wereld gevangen. Alleen daar valt nog solidariteit te vinden. 'I sweated in each country of the gulf'. In de mooiste scenes rijden de dames met hun chauffeur door nachtelijk Marrakesh. Kijkend naar buiten, naar de gewone wereld. Vette Vice-ambientklanken doen de rest. Richting slot begint de film op twee gedachten te hinken. Er valt weinig positiefs te zeggen over dit leven. Politiek correct melodrama en 'saaie' ellende lijkt daarom de logische conclusie. Maar dat voelt als nóg een trap na. Dan toch maar een vleugje lichtvoetigheid. De dames kijken zelf niet voor niets naar Bollywood-films.

Arabian Nights, Volume III: The Enchanted One

Hoe eindigt 1001 Nachten eigenlijk? En zou Gomes het antwoord weten? Ergens in dit laatste deel volgt nog een lesje narratologie, maar zelf laat de verhalenverteller zijn Arabian Nights ontsporen. (Niet dat we iets anders hadden verwacht!) Na een laatste zonovergoten psychedelisch 'intro', waar de anachronismen burlesk over elkaar heen buitelen, worden Bagdad en Portugal definitief één. Gomes beperkt de invloed van Sheherazade tot tekst. Eindeloze lappen tekst. Sheherazade vervult zo de rol van 'zwijgende' voice-over. In een verstilde documentaire over vogelaars! Zo maakt Gomes toch een soort van documentaire-cirkel. Uren eerder begon hij zijn trilogie namelijk met een segment over scheepsbouw. Oude Portugezen, die peinsden wat ze nu moesten met hun leven. De tandeloze goudvink-mannetjes hebben hier een bezigheid gevonden. Vogeltjes vangen, trainen, en tegen elkaar op laten kwetteren. 'Whistle, thrill, stroke!' Het konden heavy metal termen zijn. De vogelaarswereld heeft zijn vermakelijke (metaforische) kanten. De beste manier om de vinkjes te leren 'vertellen', is door middel van een 'voorzanger'. Een 'master bird', die het de kleintjes kan leren. Sommige liedjes zijn echter in de mist der tijd verdwenen (net zoals sommige verhalen) en daarom knutselen hi-tech eigenaars met eigen mp3-mixen. Werkt het? 'I can tell rightaway. You knów a bird from a cd.'

donderdag 29 juni 2017

Toni Erdmann

'Wie lang willst du eigentlich bleiben?' Toni komt precies op tijd. De slacker is een van de filmhelden van dit jaar. De grapjesmaker verstopt zich achter een grapjesmasker. Zo'n soort man die als iemand 'Jezus' zegt, 'ja?' antwoordt. Al-tijd. (Al is dat misschien nog net een te verbaal grapje voor hem.) De sjoemelige vader besluit op een dag zijn dochter in Roemenie te bezoeken. Normaal ziet hij de zakenvrouw alleen in flitsen, als ze even 'overkomt'. Eén van die eerste momenten thuis lijkt zelfs de man met de nep-tanden iets van schaamte te voelen. Voor zichzelf, haar eeuwige smartfoon, en zijn eigen malle manieren van communicatie. Toni Erdmann gaat de uren daarna echter vol door op dat thema. Normaal ben ik niet zo cinema waarin je zelf (ook) achter een trui wilt schuilen, maar in  Roemenie vindt regisseur Mare Ade in al dat schuren, plagen en kietelen iets heel verstilds. Het groepje managers ter plaatse kan ook écht een Klaus Kinski-achtige ontregelaar gebruiken. Afgestompt door de geldmolen. De vraag blijft, wie ontregelt wie? Dochter en Toni trekken elkaar naar beneden, en daarmee uiteindelijk omhoog. Managerstalk als 'go with the flow' krijgt met Toni een heel nieuwe dimensie. De verrassingen en merkwaardige combinaties blijven elkaar opvolgen. Alle lagen van de condition humaine afgepeld in een naaktpartij. Ongemak, da's waar de 'wild things are'. 'Ik heb een maand vrij genomen.'

Free State of Jones

'He died with honor.' 'No, he just died.' Er zijn weinig films over de Amerikaanse Burgeroorlog, en het waarom laat zich raden. Te confronterend, teveel zaken die nog altijd door etteren... Valt de dubbele tweedeling ooit te lijmen? Free State of Jones vertelt het bijzondere verhaal van zuidelijke verzet tégen het zuiden. Zelfs de Afro-Amerikaan mag nu meedoen. Wel onder leiding van de blanke Matthew McConaughey, niet toevallig getooid met heuse Castro-baard. 'Are we gonna start killing rich people?' Wat McConaughey betreft wel. De Rebs zijn aan de verliezende hand, de zuidelijke velden veranderen in abattoirs, en wanneer hij als deserteur in de swamps belandt heeft hij helemaal niks meer te verliezen. Jammer genoeg besluiten de makers het toch al rommelige scenario op vrij lukrake momenten te onderbreken met flash forwards. Die vallen langzaam wel op hun plek, maar verstoren het ritme met een steriele rechtszaak, zo tussen de modder en het bloed door. Een al te hooggegrepen idee. De stokoude foto-intermezzi werken dan weer wél. On screen (en bewegend) verbijstert Free States vooral met één beeld, dat ijskoud alles zegt. Een zwarte man is opgetuigd met wat ik een ijzeren hakenkruis zou willen noemen. Totaal ontmenselijkt. Geen wonder dat de wonden nog altijd niet geheeld zijn. 'Out there is deep, through here is shallow.'

woensdag 28 juni 2017

Quand on a 17 Ans

Men in love. Nou ja. Jongens dus, van zeventien. Twee 'laatstgekozenen' vinden elkaar met een omweg. Ze zijn in veel elkaars tegenpolen. Zwart tegenover wit, boer versus stad. Doen versus leren. Maar allebei moederskindje. In een film van Téchine wordt zo'n feitje al snel nog intiemer dan gebruikelijk. De donkere jongen (een adoptiekind) heeft net vernomen dat zijn mama zwanger is. Het is dus tóch gelukt. Terwijl de takken van de boom haast seksueel ritmisch tegen het raam beuken, lijkt hij te denken aan zijn 'niet-conceptie'. Ware moeder eerder zwanger, dan was hij hier nooit geweest... In deze fase piekt de film. Een blauwe en bleue méditation. Nachtelijk dwaaltochten door het bergland, begeleid door sensuele strijkers. In het dal is de film een stuk aardser. De witte stadsjongen personifieert de gewone puber, met oorbelletje, Triggerfinger-poster aan de muur en ironische ja-knikjes als zíjn ma iets van hem wil. Zij zet een ongeloofwaardig soort 'puberruil' op. De twee jongens worden met elkaar opgescheept. Een huis vol crushes. Moeder en zoon gaan beide voor De Ander. Téchine raakt het rustige ritme uit het begin kwijt in broeierig melodrama. Ik zat te wachten op de logische conclusie. Het naaktgevecht, zoals Bates en Reed in Women in Love. Laten we het erop houden dat er ook hier een variant volgt. Meer dan één zelfs.

El Clan

'Live this life of luxury.' El Clan legt een slim muzikaal verbandje, dat tegelijkertijd clichématig uitpakt. De Argentijnse 'clan' uit de titel woont in een kast van een huis, en de meest geliefde zoon schittert op de rugbyclub. De taferelen daar worden in de film met Britse hits geassocieerd. In tijden van Falkland-oorlog! De kekke soundtrack bevestigt zo hun vervreemding, maar ademt tevens in alles Martin Scorsese. En dat moet óók de bedoeling zijn geweest. De pa van de familie is namelijk een doodenge grijze godfather. Dat zijn de ergste. 'Hij heeft de eerste kans aangegrepen om zijn rug naar ons te keren.' De Puccio clan hengelt hun geld binnen met bijzonder intieme kidnappings. Ieder vervult zijn rol in het masterplan van pa. Hij geeft het fenomeen 'ijzige blik' een nieuwe, bijna glazen dimensie. In zijn koele morbiditeit schuilt een zeer grauw familiedrama. Trapero – die normaal wél de diepte in gaat – raakt echter verstrikt in zijn eigen riffs, en die van de genrefilm. Het lijkt wel alsof hij niet al te dichtbij durft te komen, de feiten niet durft te fantaseren. Terwijl met iets langer uitgesponnen scenes die Zodiac-sfeer toch om de hoek ligt. Wel blijft de film spectaculair tot en met het einde. De 'ware' afloop van deze sage moet de Grunbergiaanse Trappero zijn bevallen. Een psychopaat is in wezen untouchable. Zo overtuigd van zijn eigen gelijk. De slachtoffers vallen om hem heen. Onbekenden en mensen van heel dichtbij. 'Give me two good reasons why I have to stay'.

dinsdag 27 juni 2017

Trumbo

C.P! U.S.A! Alles klinkt scandeerbaar met 'USA' erachter. Niet dat deze 'bedroom radicals' zich ooit in slogan-parades zouden mengen. Als je op de cinema af moet gaan, stelde het communisme in de USA niet veel meer voor dan studiegroepjes van de elite. De dikbebrilde scenarist Donald Trumbo verkeerde in de cirkels van de beroemdste Hollywood-Roemeen, Edward G. Robinson. 'You talk like a radical, but you live like a rich guy.' De patriottistische krachten om hen heen, worden al zenuwachtig, maar wie deze biopic kijkt, vraagt zich af waarom. Trumbo lijkt een beter uithangbord voor de tabakslobby. Hij moet wel de beste filter op aarde bezitten. Zijn maat krijgt echter wel longkanker, by association. Tussen het paffen door pent Trumbo – 'anoniem' – Roman Holiday, en honderd andere prentjes. Zijn 24/7 workaholic leventje leent zich eigenlijk nauwelijks voor een lang epos. De scenarist had best mogen trimmen! Al hadden we dan wellicht dochter Elle Fanning moeten missen. Het beste shot is niettemin voor collabo Edward, uitgeteld en uitgeput onder een gigantisch patriottisch bord. Gezwicht voor de druk. Dá's interessant. Waar blijft de veel gewaagdere film over Elia Kazan? De grote ironie van Trumbo's verhaal blijft misschien wel dat de martelaar niet één communistische daad verricht. Hij zit gewoon dag en nacht geld binnen te harken. A true American.

Nerve

'Are you a watcher or a player'. Nou, een watcher natuurlijk. Toevallig op dezelfde dag eindelijk m'n serie-cherry gepopt, met aflevering 1 van Mr. Robot. Ik vond het wat gammel qua acteerwerk, maar het zal nog wel beter worden zeker... Nerve past in elk geval prima als 'na-programma'. Even smooth en slick in de beelden, en ook het hackwerk lijkt uit hetzelfde vaatje tappen. (Nog net geen readme.txt). De film komt uit de koker van de Catfish-jongens, en de intiteling bewijst meteen dat ze toch wel wat van computeren weten, om over de coolste aftiteling van het jaar nog te zwijgen. Een stel kids in New York ontdekt kleppend op de Mac het nieuwe 'Truth or Dare'. Reaguurders smijten met coins om mensen voorbij hun grenzen te laten gaan. Yolo, right? Een soort Pokémon Go, fueled by veel drank, en mensen als Pokémon. De hoofdrolspelers zijn lekker popcorn materiaal. Een tengere Julia Roberts-blondine met black brows ontmoet haar Prins op een Blauwe Motor. Hij lijkt op Tom Cruise. Uiteindelijk dumpt zelfs de grootste nerdette de aanmodderfakker. Gaandeweg wordt het scenario een beetje onnozel pseudo-revolutionair, het moderne nep-verzet. Roodkapje op. Wel iets om over na te denken: die Catfish jongens houden duidelijk van internet. Toch maken ze alleen 'waarschuwingsfilms'... En ze hebben een puntje. 'Watchers will find you.'

maandag 26 juni 2017

Bacalaureat

'You changed what could be changed.' Een 'brave' vader is er maar druk mee. De dikke dokter wenst een beter leven voor zijn dochter. Maar in Roemenië moet je daarvoor de blaren op je tong zwammen. Je geweten kun je beter meteen doorslikken en verterken, tenzij je ook na dertig jaar dienst in een veel te intiem familiehuisje wil leven. Tussen architectonische hoogstandjes... Overspel heeft de Wende van de man richting 'normaliteit' al een zetje gegeven, en nu moet dochter koste wat kost naar de UK voor de studie. Wil ze zelf? Neen. Van pa hè. Tijdens een van de vele sterke scenes begint zij hem te blackmailen met wat hij voor háár deed. De verbijstering op papa's gezicht lijkt niet gespeeld. Tussen de familiebedrijven door belandt hij in Mungiu's bekende gangen. Eindeloos en verschrikkelijk kafkaësk, langzaam verslagen door het systeem. Hij draait in zijn tragedie zelf maar opera in de auto. Hoewel het scenario zich érg veel op de hals haalt, valt er ook wel om de Roemenen te lachen. Een verbaal volk. 'Encourage her to date a guy who sells used cars from Germany!?' En ergens zorgt al die corruptie ook voor wat sociale cohesie... De lummelende politie staat je op geheel eigen wijze bij met voormalige dictaturen-humor (ik moest aan Korea denken). De Job incasseert ondertussen de klappen. Er maar het beste van hopend. 'I don't do such things.' 'I don't doubt it.'

Perfetti Sconosciuti

'Ik wil de zin van mijn eigen leven zijn.' Italiaanse gniffel-film vol pop-psychologie. Drie bevriende stelletjes plus één eenling houden een dinertje. De therapeute van het gezelschap heeft wel een idee. Een potje Scrupules 2.0. Smartphone op tafel, en lees alles voor dat binnenkomt. Chaos reigns, natuurlijk, zoals in die recente Polanski. Hadden ze maar geluisterd naar het oude ouderlijke adagium: niet appen aan tafel! Dit is het type komedie dat niet zou bestaan zonder Saarloos Monogame Drama. Maar wie zich daar overheen kan zetten – én over het feit dat al die Italianen blijkbaar allemaal een ander hebben – ziet een vermakelijke, erg Hollandse film. Theo van Gogh zou het bedacht kunnen hebben. En ook de wijngrapjes en slip-spelletjes brengen het Vaderland in herinnering. Ik vond het wel amusant om de therapeut door de mangel te zien worden gehaald. De vrouw wil een 'boob job'. Wrijven de ander haar fijntjes in: 'Therapeuten moeten zichzelf accepteren!' Eerder heeft ze al een conflict met haar dochter uitgelokt. 'Zodat ze een rolmodel heeft om zich tegen af te te zetten, dan kan ze het huis makkelijker verlaten.' Au. Misschien is ze zelf gewoon te jong voor een 'oude' dochter. Concurrentie! Zo lokt de film zelf ook genoeg conservatieve gedachten uit. De ringtone van de eenling geeft de leukste hint. Een kikkertje. Frog... Frozzo! 'Wat is er mis?' 'Alles.'

zondag 25 juni 2017

The Light Between Oceans

'When it comes to the ocean, anything is possible.' Op zijn best valt dit een stemmig melodrama te noemen. Austen zonder Austen. De ruige landschappen van Australië suggereren de grillige, zielenroerselen, maar écht op locatie landen doet de film nooit. Ware dit Bergmaniaanse arthouse dan had de sombere vuurtorenwachter Fassbender eerst maar eens een uiterst fysiek half uur alleen doorgebracht, op zijn verlaten eilandpost. Dan zou zelfs het aansteken van het baken in de avond zijn isolatie enigzins verlichten. Nu blijft het het bij twee (!!) minuten eenzaamheid. De stille wachter heeft zijn Pocahontas-meisje op het vasteland al vlug gespot (handig wel) en even snel zijn ze een stel. De bruid kent zo haar eigen WWI-krassen – 'Sometimes I wonder if I'm still technically a sister', maar ruzies blijven lang uit. De aftiteling lijkt zo na een half uur begonnen (en tegelijk eindeloos ver weg). Hobbels verschijnen pas in de vorm van in vroeggeboorte strandende zwangerschappen. Alicia Vikander lijdt intens, en ze speelt Fassbender compleet weg. Helaas, strandt de oplossing in clichés. In een web van half-lies sijpelt de kracht van The Keeper's Wife weg. Het laatste uur rest een ergerlijk genderbeeld. De vrouw is leugenachtig, niet tot denken in staat en daarom lamentabel. De man rationeel en rechtvaardig, en opofferingsgezind. Hij verdient de beloning.

Sausage Party

Dus daarom mag je in de supermarkt niks openmaken. 'I'm having an out of package experience!' Een stel worstjes staat te popelen om eindelijk die sexy kadetjes binnen te mogen dringen. Jammer genoeg zijn het geen Hollandse Bifi's, want dan waren ze meteen protected geweest. (Ik denk niet dat er een veel duidelijker staaltje voorlichting bestaat, op de basisschool maakten we er al grapjes over). Sausage Party is een film op precies dat groep 8 niveau, en daarin zo overdadig dat het nog aardig amusant wordt. Niet bepaald sterk in de oneliners – hoeveel 'fucks' kan je eigenlijk kwijt? – maar het aantal stereotypen dat je met een Sjopspel aan supermarktproducten ten gelde kunt maken, blijkt eveneens eindeloos. De halal en koosjer-afdeling gaan elkaar te lijf, en Edwart Norton doet zijn beste Woody Allen-imitatie. Belangrijker: als worstje valt zelfs Seth Rogen te tolereren. Er schuilt bovendien poëzie in een ontmanteld Oreo-koekje. Ik miste in deze poel van moreel bederf, enkel het letterlijke bederf. Het zou toch leuk zijn geweest als het worstje en het kadetje gedurende hun avontuurtje voor consumptie ongeschikt raakten, als een soort E.T. buiten het moederschip. En dan de woedende voedsel en warenautoriteit achter je aan. Om het gemis te verzachten zingt... Nee, dat moet ik niet verklappen. Het hád Peaches kunnen zijn. 'Sausage, control your insolent bun.'

zaterdag 24 juni 2017

La Pazzio Gioia

Italië is een beetje gek van zichzelf. En ook wel op zichzelf. Deze tragikomedie danst theatraal langs alle clichés. Valeria Bruni Tedeschi blijft stuiteren, heerlijk grenzeloos, eindeloos doorlullend. Het type cliënt dat het zelf altijd beter weet, en minstens zo goed als de 'psy' de DMS-4 paraat heeft. Haar zelfinzicht beperkt zich tot korte flitsen. 'Ik kan mijn benen nu nog laten zien, maar nader m'n schemering'. De borderliner 'van adel' (en dat is zowaar niet gelogen) neemt magere medegek Michaela Ramazzotti onder haar hoede, en op tocht door Italië. Gelukkig maar, want de fase 'in de kliniek' lijkt het scenario meer op een Eminem-video. Op vrije(rs) voeten wordt de film gelukkig stukken beter. In alle grilligheid aanstekelijk gierend en brullend. Er zijn domme kerels en niet werkende deus ex machinae. Tussen kleine tragedies door – 'het spijt me dat ik altijd zoveel last geef' – mag er gelachen worden. De borderliner zoekt haar 'vriend' op. Een en ander ontspoort zo snel dat een taxichauffeur wil ingrijpen. Roept de crimineel: 'Gepetto, Ik kom je opzoeken!” Als het damesduo dan toch bij de villa van de gravin geraakt, treedt er een nieuwe complicatie op. Aan lager wal raken voor Italiaanse adel is... Je huis voor films moeten verhuren. Meta-kansje, duh! Een lach en een traan, en een schlager als punt. Mooi. 'Terwijl we zinken zijn we gelukkig'.

Boi Neon

'Deze plaats stinkt als een oksel.' Op trektocht met de rodeoshow. Cowboys vindt je overal. Ook in het Braziliaanse hinterland. Noem het hun variant van de bekende Brabantse trekkertjetrek. Soms is er geen mens te zien, en dan staat er ineens een mall. In misschien wel het mooiste shot dwaalt het hoofdpersonage tussen miljoenen aan achtergelaten snippers. Hij vindt een halve modepop. Het lijkt wel een schilderij van Dali. De bronstige kerel moedigt overdag de stieren aan ('oi boi!') die op hun beurt later braaf in de ring neergaan. ('Valeuuu boi!') 's Avonds heeft de kerel meer ambities. Hij knutselt en naait wonderlijke pakjes, waar zijn buurvrouw dan in paradeert, voor de verzamelde farmers. De muziek broeit (duh) en de broekjes zakken nét niet af. Eén enkel Lynchiaans dansje treft al psychedelischer doel dan het hele Neon Demon van Refn. Tussen de bedrijven door heerst er op zo'n rodeo echter vooral verveling. Een l'ennui van het plakkerige, geile soort. Zelfs het jongste meisje mokt 'pre-menstrueel' en wil knuffels. De plannetjes van haar reserve vader-figuur verzanden langzaam, net als de staarten die hij smeert. Hij heeft een betere naaimachine nodig. Of gewoon een beurt. Gaandeweg vergeet regisseur Mascaro de dansjes. Neuken volstaat. Soms expliciet om het expliciete, maar hij heeft ballen, deze film zal tot nog lang een fetisj én een arthouse publiek vinden.

vrijdag 23 juni 2017

The Idol

'Certain events have been fictionalised.' Flauw om daar weer over te beginnen bij Hany Abu-Assad, maar ditmaal s wat nep is in elk geval duidelijk. Hij opent zijn Palestijnse Disney-'sprookje' met een ouderwets oriëntalistische scene. Een film uit Arabië hoort gewoon op de markt te beginnen. Underdog Aladdin rent voor zijn leven, de strijkjes doen van James Bond. Benieuwd wat Edward Said ervan zou vinden. Kunnen we nog van een knipoog spreken? Een stuk pijnlijker wordt het als het stof is neergedaald. In de reusachtige gevangenis Gaza vluchten wat kids in de muziek. 'He could've smuggled a whole orchestra by now.' De troupe wordt geleid door een Anne Frank-achtige tomboy. Het meisje geeft álles. De teksten gerateld, de leipe kinder-onzin intens beleefd. In een vroeg hoogtepunt lijkt het wel kerstmis in Gaza. De piepjonge wedding band staat in een met lampjes versierde wagen te spelen. Een tractor brengt ze naar plaats bestemming. Lang blijft het noodlot niet in de coulissen wachten. Muziek maken in Palestina is... óp een generator moeten staan. Via de treurigste grenspost ter wereld belandt de zanger van de band toch nog in de spotlights. Op dat moment begint Assad het Ware Verhaal te doorsnijden met echte Idols beelden. Instant kippenvel. En tv... Die blijkt weer eens universeel tranentrekkend. In de Arabische wereld zou Ramses Shaffy nog groot zijn. Kijk Omhoog Abdel!

El Olivo

'Hij wil gewoon aandacht, net zoals jij met dat haar.' Het valt inderdaad meteen op. Een Spaanse tomboy heeft een ingenieus kapsel in laagjes, minstens zo gecompliceerd als haar karakter. Dat haar blijkt later nog als een mini-motiefje te fungeren. Als de emotie oploopt, begint ze te plukken. Zo haakt alles in elkaar, want ook de kippen verliezen hun veren. El Olivo toont het sappelende Spanje, het corrupte Spanje ook. Arme boeren die blij zijn dat ze in elk geval nog die verlepte kippenboerderij hebben. Opa is er doodstil van geworden. De stokoude 'troetelolijf' is voor veel geld van de hand gedaan, de ziel verdwenen. Het meisje ziet het verband – of wil het graag zien – en besluit de boom terug te halen. Kwestie van picking the wrong battles. Heel modern wel, de schuld elders zoeken (liefst mét genoegdoening). Uit wat fijne flashbacks vernemen we hoe lief opa voor haar was. Voor de anderen daarentegen... De film hint op genoeg boeiends – een boom uit wraak verwijderd? – maar een gecompliceerd familiedrama wordt het niet. Het overdadig geëmotioneerde El Olivo scoort vooral puntjes als merkwaardige roadmovie. Aan de financiers in de intiteling kun je zien waar we heen gaan (en aan de complimenten richting Duitsland ook!) Er valt ook wat te leren. Boomtransplantatie, het kan. Echt is het nieuwe nep. 'Dit hele land liegt tegen zichzelf'.

donderdag 22 juni 2017

Chronic

'Do you want to shower?' 'I want to die.' Het leven van een hulpverlener vereist veel incasseringsvermogen. Je poetst wat niet meer op te poetsen valt, redeneert met iemand die niet meer gered wenst te worden. Een opmerkelijk lobbes-achtige Tim Roth is er dag in dag uit mee bezig. In het begin twijfelde ik nog of hij wel werkelijk verpleger was. Zulk soort hulp is al snel zo intiem. Hijzelf ziet die grens echter ook niet zo scherp meer. Toch lijkt hij zijn werk méér dan adequaat te doen. Hij negeert de vreselijk 'om het bed heen'-bemoeiers die zich familie noemen, en overrulet zijn mede-verpleegkundigen die schermen met 'They told me not to do anything.' Roth neemt als 'caretaker' (maar dan anders) het heft in handen. Natuurlijk schuilt daar wat achter. Een eenzaamheid vergelijkbaar met Philip Seymour Hoffman in Magnolia. Van welke dame checkt de verpleegster toch de hele tijd de FB? De open plek in het verhaal schrijnt als een wond. Het bewijst weer 'ns de kracht van info achterwege laten. Tot op het moment van onthulling dacht ik bijvoorbeeld iets héél anders. De kijkers fantaseert zelf wel. Eenmaal ingevuld, verbijstert vooral de schrikwekkende fysieke ellende. Daar had ik echter eerder dat filmjaar met James White mijn portie al wel van gehad. Chronic is het best wanneer Tim Roth eenzaam in zijn auto zit. Zijn safe space. Dat maakt het einde des te ironischer.

High-Rise

'Keep the change.' 'There isn't any.' Een zuinig ontvangen film, die onverwacht goed uitpakt, dat zijn de fijnere cadeautjes van het filmjaar. Ik snap de zessen best wel, objectief is alleen het eerste uur goed, maar soit. Beter interessant moeilijk, dan saai goed! Ben Wheatley waagt zich hier aan een distopische Ballard. (Ain't they all...) In een parallelle seventies-tijdlijn regeert het betonnen futurisme. Een Trump Tower verheft zich letterlijk boven de massa, met de architect aan de Penthouse-top en het plebs onderin. (Dit lijkt op die trein van Bong). Vieze man Jeremy Irons is als ringleader altijd je man voor dit soort verdorven decadentie. De vers gearriveerde nieuwkomer Tom Hiddleston neemt als byronische dokter een tussenpositie in, en zolang dat goed gaat, gaat de ook film goed. Eindeloos wordt er sensueel naar sigaretten gelonkt. 'I should have married someone like you. Stoic and perfectly breasted.' De film piekt vroeg met een grappig-geile seksscene, en een fabuleus caleidoscopisch lift-shot. De hele wereld spiegelt vulvisch van zo'n ding. Na een afdaling in een Warholiaanse supermarkt, neemt het volk het over. De focus verschuift van dokter naar working man, voor een wat flauwere Thatcheriaanse satire. Ruis van een ratelend scherm. Het blijft nochtans een werkje voor mijn imaginaire Tumblr. Met squash, dus. 'For the good of the building.'

woensdag 21 juni 2017

L'Avenir

'Plus attractive, mois austère'. Ik voel me een beetje schuldig dat ik hier slechts voorzichtig positief over de nieuwe Mia Hansen Love-film kan schrijven. Ze is ten slotte de 'chouchou' van de pers. En 'MHL' heeft inderdaad unieke kantjes. Wie is er zo goed in de kleine, technische dingen? Het knutselen van een beat, of een lesboek filosofie opzetten, ze toont het met een verfrissende liefde voor intellect. Het schoolleven áchter de schermen van de school. Jammer genoeg gaan dergelijke rake details nog steeds niet gepaard met een strak scenario. Dat hobbelt ook dit keer door de jaren, stipt slechts aan, zonder door te pakken. Zelfs Huppert kan dit niet verbloemen. De lerares 'philo' leest sporend naar college een boek (een kleine Rohmer-ode) en dient de 'student demonstration time' van weerwoord. Met haar depri moeder heeft ze het lastiger. 'Ik speel een lijk'. In hun relatie zat een hele film, maar die krijgen we niet. Idem dito voor haar pas-de-deux met een protegé. Clichés worden wel vermeden, maar het resultaat is soms vreemd vlak. 'Ik heb er nu geen zin in'. Strubbels in het gezinsleven, dat lukt gelukkig wél, met de bedremmelde père des enfants, die doet wat hij niet laten kan. Bevangen door een 'ook dat nog'-gevoel zoekt de lerares naar houvast. Ze vindt die in de ware ster van de film. Haar knusse appartement, vol boeken en verhalen. We moeten ze zelf maar lezen. 'Joehoe, réveille toi!'

Café Society

'We don't want to over-emphasize on empathism'. Vorig jaar voor het eerst in mensenheugenis een jaartje overgeslagen met 'Woody'. Café Society kreeg wat betere recensies dus ik moest eraan geloven. Steve Carrell is de meest hoopgevende naam, en hij blijkt oké als George Clooney-achtig movie producertje. Woody trekt namelijk net als de Coens naar LA, waar hij zich duidelijk minder thuis voelt. De film neemt 'het wereldje' op de hak, maar doet zelf ook niet veel meer dan shallow namedropping. Terwijl in die prachtige motels toch een Fante-verhaal ligt. Iets met een jonge scriptschrijver die bevangen raakt door de gevaren van de filmhel... Woody houdt het bij eenvoudige romantiek, zelfs zijn voice-over klinkt blasé. (Alsof hij zijn mond vol matzes heeft.) Geen postmoderne geintjes. Zelfs geen zelfverwijzingen. 'Take the money and... go'. Dan komt het dus op de sterren aan. Een achteloos ravissante Kristen Stewart doet haar best, met een schorre Scarlet-stem. Spetteren doet het echter niet met Eisenberg. Het simpele dubbelspel wordt gecompleteerd door Carrell, ten minste, voor zolang het duurt. Voor de meeste lol zorgen de anti-semitische grappen met een joodse twist. 'You guys are moneylenders'. 'No, we control everything actually.' Pas in het laatste shot weet Eisenberg het gezochte gevoel over te brengen. Eenzaam in de Gatsby-massa van het eeuwige fuif.

dinsdag 20 juni 2017

La Tortue Rouge

Dudok de Wit. Een man met een carrière rond één enkel filmpje, de Zomergasten-classic Father and Daughter. Dat heeft al iets stoers, en als Studio Ghibli dan ook nog je eerste feature film uitbrengt! De geduldigen worden beloond. La Tortue Rouge peinst even sereen en weemoedig over de vragen des levens, in langzaam uitdijende waterkringen. Die onvermijdelijke verlating. Van elkaar, en van de wereld. Ich bin der Welt abhanden gekommen. Dudok heeft in de mooiste passages niet eens kleur nodig. Grauw grijs als een graphic novel strandt een schipbreukeling op een eiland. De man bibbert in fragiele lijnen. Wat houdt hem nu nog bijeen? Hoop? Op de nagenoeg uitgestorven plek kleineert het landschap de eenzame ziel. Eindeloze bladerdekken ruisen. Dan begint hij te dromen... En hoe. Hartverscheurend mooi stijgt de metafysische verwondering tot grote hoogten. Met een Titanic-knipoogje als besluit. Terug in het niets, wordt de man bijgestaan door wat Miyazaki-wezentjes. Zonder al te antropomorf te doen, zijn deze krabbetjes grappiger dan de meeste Disney-figuren. Na een minuutje of veertig verschijnt het volgende beest, en daarmee ook de logische conclusie. Ik hoopte op erotiek, maar het wordt eerder braaf. Gelukkig zijn er nog wel cirkels. Een uitgebeende parabel om de parabel. Is alleen zijn onmenselijk of juist ultiem menselijk?

Black

'Die Nike's heb ik gevonden... Aan iemand ander's voet'. Een tijdje terug heerste er een kleine hype rond deze Belgische grotestadsfilm. Gangs zouden vertoningen willen verstoren. (Ingeseind door de makers, denkt de cynicus dan.) Zoals altijd, viel het uiteindelijk best mee, net zoals de film. Gelikte looks, strakke ritmes, met een paar brave deuntjes voor de blanken. Enkel aan wat gangbangs zou de moraalridder zich kunnen storen. Ook lijken de donkere jongens toch een tandje slechter dan de Mocro gangs. (En de makers waren nu net 'Arabisch'...) Inhoudelijk begeeft Black zich op het niveau van het Nederlandse Wolf. Ietwat overdadig in ambities. De personages lijden eronder. Ik zou zelf vooral geïnteresseerd zijn in het 'vooraf'. Hoe beland je in zo'n gang? De film is echter meer van de verklaringen achteraf. Wel valt er te genieten van het 'sfeervolle' metro-net, waar de gangs elkaar ontmoeten en bestrijden. Zonder Warriors-nostalgie. Hier geen verheerlijking van geweld. De liefde daarentegen...In een goeie Romeo & Julia-romance tussen bruin en lichtbruin nadert de film een topper als Girlhood. Puber-gerommel in de 'banlieues'. De Nederlandse taal vervult een grappige bijrol. Voor deze Franstalige jongeren is Vlaams de taal van de bourgeois, de flikken. Het burgerlijke volkje dat hen een trap onder de kont wenst te geven. 'Qui a un probleme?

maandag 19 juni 2017

Arabian Nights: The Desolate One

'Thereby creating a theatrical allegory about the reproductive cycle of pigs.' Zou er een algemene waarheid over tweede delen van trilogieën zijn te produceren? Ik opper: tijdens het tweede deel lijkt men alle tijd te hebben. Het verhaal staat op poten, het einde is nog lang niet in zicht. Daarom zijn middendelen 'moody' en loom. Gomes doet het hier in elk geval ook rustig aan in een drietal langzame vertellingen. (Delen van delen, segmenten in segmenten, hij is lekker bezig...) In het eerste verhaal houdt een oude kerel zich schuil voor politie te paard. Er wordt niet veel gezegd. We blijven bij de wet in het overdadig babbelende tweede deel, waarin een opmerkelijke rechter de dorpsvergadering toespreekt. De representatie van het Portugese volk is – op zijn minst – uniek te noemen, en de Portugese staat wordt redelijk effectief belachelijk gemaakt. 'Mothers can sometimes become unwise out of love for their sons'. Hoe wonderlijk al de situaties ook zijn, geef mij toch maar de Gomes die de poëzie in het concrete vindt. De wrange Broken Flowers-humor van kinderspelletjes. In het derde verhaal klinkt er eindelijk toffe muziek. De intrinsieke gelaagdheid van een flatgebouw doet de rest. Of hoe een lethargisch moment in bed het hoogtepunt van je film kan zijn. Adam Gurvitz peinst zwijmelend op tv. 'Got to write a classic, got to write it in an attic.'

Francofonia

Terwijl Sokourov nog belletjes voor de film pleegt, loopt de aftiteling. Zo begint (!) Francofonia lekker meta, zoals later ook sterk zal eindigen. De vervreemding zet de toon voor anderhalf uur vrij associëren, gefinancieerd door de Louvre. (Vermoed ik dan toch.) Sokourov's liefde voor het museum en 'het Franse' drijft op de eurofilie die alleen een outsider kan bevangen. Iemand als Miyazaki ging hem voor, met zwierende accordeons. Toch blijft Sokourov ook Rus genoeg, om het 'bittertje' te zien. 'In Europe, Europe is everywhere'. 'Wij' zijn het verwaande continent, en al eeuwen geleden de uitvinder van de selfies. Sokourouv combineert dergelijke kunstzinnige gedachten via Maddin-edits met wat lukrake re-enactments. Hij roept Tsjechov en Tolstoj aan, en denkt aan de Tweede Wereldoorlog. Parigi, città aperta... Francofonia reminisceert meer en meer over oorlog. Zoals het hoort. Wat is een essay zonder Auschwitz? Bon, aan de concentratiekampen komt Sokourov niet, maar er zijn Némirowsky-achtig beelden van De Vlucht en De Evacuatie (nota bene van de stukken uit het Louvre!) Na een uur begint het toertje door Sokourov's 'privé-museum' wat te vervelen. De film neigt naar een lief hoorspel dat je op een laat uurtje op Radio 4 hoort. De regisseur lijkt het zelf ook te beseffen. 'Ben je nog niet moe? Geen zorgen nog maar even te gaan...'

zondag 18 juni 2017

Don't Breathe

Detroit. De nieuwe location préferé voor horror-films. Een schizotown met een leeg hart. Dáár klopt niets meer. Een stel 'cool kids' houdt zich bezig met woningovervallen. In het gelikte intro volgen we er eentje. Synthetisch to the max. Later, wanneer de duisternis valt, werkt die slicke look wél goed. Het spookhuis wordt er hypnotiserend onwerkelijk van. De camera is de enige die zich duizelingwekkend vrij door de kamers van Villa Volta kan bewegen. De wapens hangen al aan de muur, de luiken lonken. Deep sounds op de soundtrack doen de rest. Dit is een trigger van negentig minuten, een boog tot voorbij het uiterste gespannen. De drie jonge rovers moeten het met een miniem beetje backstory doen. Het gaat enkel om de spanning. Dan valt of staat alles met de 'ware' slechterik. En die mag er zijn. Homerus gone wild! In het begin hebben we nog tijd om na te denken over nonsens. Zou er eigenlijk geur-neutralisatie-spray bestaan? Kan die man ze niet ruiken? Snel daarna stapelen de spannende shots zich op. Schuilen onder Jurassic Park-kastjes, sneuvelen op zijn Se7ens. Het enige beeld dat ik miste, is het 'money shot', nadat er een broek is opengesneden... Terwijl Money toch wel degelijk ge-shot wordt. Het eindeloze einde stelt wel teleur. Na zoveel incasseringsvermogen, verlang ik naar die finale, cynische klap. 'And that's the last time I will mark my body.'

Desde Allá

'Ik zou mijn kinderen slaan, dan weten ze meteen waar ze aan toe zijn.' Plant een filmvlaggetje in 'vergeten' Venezuela. Caracas ziet er grimmig en rommelig uit, met veel zinloos metaal. Judge Dredd lijkt elk moment op te kunnen duiken, om dan de law and order net iets te fanatiek terug te brengen. Mensen betalen met dikke stapels bankbiljetten (die niks waard zijn). Dankzij zulke bundels weet een grauwe kerel spierbundels van de straat te lokken. Terug thuis onaneert hij met het kennersoog op de gladde jongensbillen. Aanraken doet hij ze niet, hij kijkt 'desde allá'. Dat kan niet goed blijven gaan, en natuurlijk wordt de 'Hijo maricón' te grazen genomen. Het is het begin van een machtsspelletje, vervuld van eenzaamheid en zelfhaat. Ik moet bij Zuid-Amerikaanse arthouse-films opmerkelijk vaak aan Arnon Grunberg denken, en het is hier weer raak. Zelfde treurnis, en dezelfde bizarre details. De kantoorklerk blijkt bijvoorbeeld secuur en sloom kunstgebittenbouwer! Zijn jonge tegenspeler zet juist de fast forward aan. Diens wilde overacteren detoneert, maar er zijn momenten dat de intensiteit werkt. Op een Venezolaanse bruiloft bijvoorbeeld. Twerk some! Al snel schiet iedereen echter terug in onscherpe lethargie. Arthouse is... the resting bitch face of a middle aged man. Humorloos en muziekloos. Zelfs de aftiteling voltrekt zich in stilte.

zaterdag 17 juni 2017

Midnight Special

'Do you miss it, living on The Ranch?' The X-files te Texas, met Jeff Nichols, een echte kenner van de southern territories. Hier doet hij echter vooral zijn eigen Take Shelter over. Klasbak Michael Shannon mag wederom de 'believer' spelen. Zolang het 'out there' verhaal bij suggesties blijft, werkt dat heel goed. Schoolbussen in de schemering, een automobilist die door de nacht raast met 'goggles' op. (Luc Besson loves that shot). De elektronische soundtrack pompt ook bij ons geloof door de aderen, en die dubstep beat dropt nét niet. De FX doen dat wel. Wanneer de messias-missie duidelijk wordt, neemt de kracht rap af. Meer en meer kreeg ik het gevoel dat de hele boel gefinancieerd werd door mormonen. Het wachten is  op de stigmata. Of Nicolas Cage. Helemaal uit de bocht vliegt Nichols overigens niet. De bijrollen helpen hem. Goofball Adam Driver vindt zichzelf uit als de nieuwe Jeff Goldblum. Hij kan wat de FBI en de mannetjes van de reli-Ranch niet lukt. Het wonder in het vizier krijgen. Voor zoiets moet je bij de NSA werken. 'These are the words of the Lord'. 'Or the federal government'. Ik was ook erg blij Kirsten Dunst weer eens te zien. Zeer moederlijk, en met gigantische vlecht, zorgt zij verstild voor een paar intieme momenten. Familieknuffel! Zelfs de Ongelovige Lucas zal eraan geloven. Op zijn eigen manier. 'Could we go back to Texas now?'

Kubo and the Two Strings

'Is this a good dream, or a bad dream?' 'See for yourself.' Aardig stukje narratologie voor kinderen, in de lijn van The Never Ending Story. Wanneer wordt een wanhopige droom de realiteit? En wie is de baas over je levensverhaal. Jijzelf of de mensen die je (de les) lezen. Storyteller Kubo begeleidt zichzelf op zijn shamisen, terwijl hij in zijn Japanse dorp mythen opdist. Via monsters kan hij vluchten uit de monsterlijke realiteit. Moeder schotelt zoonlief enkel verhaaltjes voor, om hem maar nooit de waarheid te hoeven vertellen, over de nare gebeurtenissen uit zijn jeugd. Het verleden haalt beide in de vallende duisternis echter toch in, waarna Kubo in een 'droomwereld' op zoek naar zijn 'happy end' moet. Zijn queeste is er een van Zelda-proporties, en het Windwaker-game design overheerst. Veel driehoeken, en over kaap'ren varen. (Doch geen ocarina.) Ook binnen de mindfuck ontkomt Kubo niet aan de traditionele liefdesdriehoek. Familieperikelen. 'Do you ever say anything encouraging?' De ridder en de aap 'doorzien', is voor de de geoefende kijker een abc'tje. Dit blijft een 'bekend' verhaal, een Wizard of Oz. De 'aunties' die op Kobo en co jagen zijn eng Shakespeariaans, maar een Hamlettiaanse tragedie wordt het niet. Een beetje Oosterse film verdient dan ook een sentimenteel en bemoedigend lampionen-ritueel als slot. 'People like an ending'.

vrijdag 16 juni 2017

Lo and Behold

'It is so ugly on the inside, it is beautiful.' Herzog neemt een kijkje op het nulpunt van het web. De nerds van toen zijn inmiddels oud geworden, en herinneren zich verlekkerd het Arpanet directory. Herzog laat zich formules en the law of big numbers uitleggen, en lijkt zich ondertussen een tikje te vervelen. Gelukkig vindt hij al snel zijn trademark wazige Zen-meester, en kan de docu écht beginnen. (Denk nu in het bekende accent: 'To some he was insane.') Het eerste boeiende punt: als machines oneindig veel slimmer dan wij zijn, dan wordt het leveren van een menselijke bijdrage aan de samenleving moeilijk. Zou hierdoor een dorst naar kennis ontstaan of een obesitaanse vreetdepressie? Lo and Behold klikt in style van link naar link, en van onderwerpje naar onderwerp, dus elke filosofische vraag wordt gecounterd met een geintje of een gek. Er is iets bizar grappigs aan voetballende robotjes, bijvoorbeeld. Langzaam ontstaat toch een steeds gewonere Herzog-film, dus zoekend naar het ongewone. Safe-vrouwen die zich in een stralingsloos gebied verschansen. Kids die afkicken van gameverslaving. (Ik ken zelf iemand die scheurbuik ontwikkelde!) Werners 'on screen' interrupties neigen naar ego trippin', misschien omdat zijn docu's meer en meer teamprojecten worden, zonder al teveel eigen auteurs-input. Op die fijne voice-over na dan. 'Have the monks stopped meditating?'

Hell or High Water

'No hundreds, no bundles.' Allemaal koele kikkers daar in Texas, met GTA in hun DNA. 'You boys are robbing the bank?' De camera danst met veel klasse rond de eerste crimespot. Ook álle minuten erna blijft Mackenzie's negende een perfect gechoreografeerd crimepareltje. De aaneenschakeling van goeie teksten houdt niet maar op. 'Bopped you in your snozzola, huh', grauwt Jeff Bridges. De oude droogkloot moet samen met zijn 'injun' companion achter de dieven an. Het is de laatste keer, voordat hij geacht wordt in die rocking chair te gaan zitten. De film cut prompt naar de twee bankrovende broers, chillend op de porch van hun aftandse boerderijtje. Hell or High Water heeft ook wat te melden over debt relief America. Enkel banken zitten nog met hun dikke zakenkonten op die bundles. Zingen kan zo af en toe de zorgen verzetten. Waylon en Welch doen een duit in het zakje, en richting einde wordt zelfs Little Dogies aangeheven. Mijn hart is dan allang gestolen. De silhouetten van de broers tegen de adembenemende Texas plains. 'I'm not afraid to die'. Hell or High Water dendert door als The Sugarland Express, en eert die film soms onverbloemd. Bovenal is het natuurlijk een super-Amerikaanse film. En Amerika drukt zichzelf het beste uit 'through criminality'. 'I've never met nobody who got away with anything, ever.'

donderdag 15 juni 2017

Truman

Een gebroken man staat aan de Amsterdamse grachten. Het is Ricardo Darín, de Zuid-Amerikaanse klasbak die hier een gevierd acteur spéélt. Enkele dagen eerder is zijn beste vriend 'm in Madrid komen opzoeken. Er hangt al iets in de lucht. Darín snottert en sjokt als een depressieveling. Ik dacht, hij wil zelfmoord plegen. Helaas... De man blijkt 'slechts' kankerpatiënt. Dat levert in Nederlandse ogen toch heel wat minder morele dilemma's op. In Spanje gaat dat anders, ondanks de befaamde snijtafel-Rembrandt 'on display' in het ziekenhuis. De omgeving van de gevierde acteur weigert te accepteren dat hij zijn behandeling wil stopzetten, laat stáán dat er over zekere pillen wordt gesproken. Samen met zijn kompaan – die zonder chemo en zonder chemie als plot-vehikel fungeert – zoekt Darín naar een adresje voor zijn geliefde hond Truman. De Dagen met Morrie-vibe die tussen de tegeltjes dreigt, blijft met moeite achterwege. De film bevat het noodzakelijke mespuntje scherpte in ongemakkelijke ontmoetingen. Vooral in Amsterdam. De UvA stelde haar duurste hal beschikbaar, en daar verschijnt de zoon. Vaders en zonen, zwijgend, knijpend. Typisch voor het niveau van de film wordt die intense scene nog wel even nabesproken... Richting einde komt met de verplichte Spaanse seksscene een ondergrens in zicht. 'Wat heb je van mij geleerd?' 'Niets helemaal niets.'

Krigen

'Treff.' Oorlog straft dubbel. Uit en thuis. Krigen stelt zorgvuldige vragen bij onzorgvuldige zaken. Raakt er iets sneller verstoord dan een veilige haven? Het bataljon dat in Afghanistan op missie is, voelt zich op één vlak in elk geval thuis. Ze lopen allemaal met baarden rond. Verder lijkt hun missie geen groei op te leveren. We zien zinloze patrouilles, en kleine klusjes bij de bevolking thuis. Het gaat de film om die laatste scenes. Heel secuur stapelen huiselijke scenes zich op, tot een leidmotief het krachtige thema wordt. De bataljonleider zelf mist zijn frisse paardenstaart-dame, die hun kids in het gareel probeert te houden. Papa is ver weg, maar kan ook dáár niet veel meer doen dan pleisters leggen. Letterlijk en figuurlijk. In het kamp van de Denen proberen de mannen dan maar wat huiselijkheid op te roepen met Yahtzee. De oorlog klopt ondertussen almaar harder op de deur. Een huiveringwekkende IED scene kan wedijveren met The Hurt Locker. Het ding gaat niet eens af, maar wordt doodleuk opgehaald. Dergelijke spanningen worden de commandant langzaam teveel. Hij begaat – zacht uitgedrukt – een foutje. Prompt mag ie met de loservlucht naar huis. Dán wel. Daar mag hij gaan nadenken. Richting de onvermijdelijke rechtszaak verliest de fijne film wel wat subtiliteit. Een 'open' einde had geholpen. 'People's homes were bombed'.

woensdag 14 juni 2017

Hail Caesar

'Would that it were so simple.' Het blijkt zelfs voor de Coen bros niet zo eenvoudig om iets toe te voegen aan de droomfabriek-mythe. Deze parodie draait slechts de bekende rondjes op de filmsets. Dat is niet zo'n ramp wanneer er een ode aan oude sailor-musicals wordt gebracht, maar het hart van het verhaal had best wat meer substantie mogen bevatten. Het scenario mist net dat geïnspireerde beetje 'extra'. Hint! De raamvertelling rond producer Josh Brolin sjokt van hot naar her, hij wordt zelfs in steek gelaten door de ironische voice-over. Ik kreeg bovendien sterk het gevoel dat ik al eens eerder een film uit Hollywoodland zag waarin een steracteur richting 'haus am Meer' werd ontvoerd. Om te kunnen genieten van Hail Caesar is het daarom zaak te focussen op de fragmenten. Met ScarJo als Busby babe lukt dat aardig. Zij heeft geen 3D nodig in de badpakkenparade. De beste scene die níet alludeert voert een viertal religieuze baasjes op. De producer wil groen licht voor zijn nieuwe Jezus-productie. Vanzelfsprekend verliest het adviespanel zich in religieuze schisma's. Lange tijd blijft het de grappigste scene. Pas richting einde schakelt de film een tandje bij in liefde en lol, onder meer dankzij Lockheed-bribes en de onfortuinlijke McDormand als editor. Clooney onder de commies levert ook Woodyesk-gegniffel op. 'We're not even talking about money, we're talking economics.'

Fuocoammare

'Your position, your position.' Het minuscule eilandje Lampedusa staat plots op de kaart, wanneer duizenden vluchtelingen deze buitengrens van Europa proberen te bereiken. In de docu Fuocoammare (de titel van een Italiaanse schlager) zien we hoe zoiets gaat. De makers nemen echter ook een kijkje bij de 'gewone hardwerkende Lampedusier'. Meestal ben ik gek op zulke juxtaposities, maar dit keer werkt het niet. De ongemakkelijke verveling van het handjevol bewoners slaat dood, zo tussen de beelden van lijden en lijken. Het lijkt wel alsof de makers geen liefde op konden brengen voor die paar visserslui. Alsof ze dat simpelweg niet dúrfden, gezien de rest van het verhaal. Waarom niet wat vragen gesteld, terwijl de pasta wordt gekookt, en er liedjes op de lokale zender aangevraagd? De registrerende blik blijft te afstandelijk. Even steriel als de mannen in witte pakken die de vluchtelingen bijna letterlijk uit zee hengelen. Op dat vlak komt de film wél aan. Afrikanen secuur geteld, als ware zij koeien. Kaartje met nummertje erbij, en dan op de foto. Het lijkt net de slavenmarkt van Delos. (Het Lampedusa van de klassieke oudheid. En ook díe slaven werden door piraten gebracht hè...) De vluchtelingen stappen na keuring en ontsmetting, met zilverpapier ingepakt, in de buslijn van 'miseriecordie'. 'It's risky in life not to take a risk, because life itself is a risk.'

dinsdag 13 juni 2017

D'Ardennen

'Van kutjob naar kutjob'. Een fijne fucked up kerstfilm uit sjoemelig België. Twee broers waren ooit beste gabbertjes. Eentje met Jaap Stam-kop, de ander met zijn laatste Rammstein-lok. Samen aan de criminele wandel, of hakkend op de dansvloer. Maar nu is het 'goe' misgegaan, en heeft de dominante een paar jaar in de bak gezeten. 'De smalle' kwam 'm braaf elke donderdag opzoeken. 'Dat vergeet ik niet', zegt grote broer. Hij weet niet dat zijn ándere reddingsboei inmiddels is 'ingenomen'. Van de eenvoudige Kain en Abel-thematiek moet de film het niet hebben, maar het bekende verhaal wordt bijzonder smakelijk opgediend. D'Ardennen scoort met mooie shots (de zonnebank!) en rake details. Simons achter de bal... De broers mijmeren over d'Ardennen, waar hun 'wonderfull' days lagen. Zelden klonk een happy melodietje zo omineus, want ze rijden erheen, natuurlijk. Daar duikt – na een korte, eerste flits – Jan Bijvoet op. In een leuk onbedoeld verbandje houdt hij zich (net als in El Abrazo de la Serpiente) bezig met plantjes... Hij mag de Tarantino-monoloog afsteken, tijdens de grote Amerikaanse finale. Lynchy creeps in de caravan en de Coen bros tussen de messen. Bizar, en zonder één hapering bloedstollend spannend. Waalse nachten zijn lang. Was het allemaal maar anders gegaan met die dame... 'Ik wil gewoon saai zijn. 'Thuiskomen om 5 uur, patatten op, Blokken zien.'

El Abrazo de la Serpiente

'Ik heb heel mijn leven aan planten gewijd.' De indiaan kan zijn lachen bijna niet inhouden. Eindelijk zegt de witte iets wijs. Begin twintigste eeuw trekken etnologen naar het Amazone-gebied. Hun bedoelingen even schimmig als hun geestesverschijning. De hologige Thomas von Martius (Jan Bijvoet) lijkt wel een verlepte rockzanger. Hij maakt met zijn talenkennis (en zijn kompas!) wel enige indruk. Het kompas houdt hij liever. 'Ze oriënteren zich op de sterren, die kennis mag niet verloren gaan.' De ongemakkelijke paradox van de witteman in één fraaie scene verbeeld. Een ongezonde hang naar ongereptheid die enkel beleden kan worden door het te verknallen. En dat is nog slechts de etnologische voorpagina van de agenda. (Soms hoop ik dat de Indianenmedicijnen enkel de eigen Indianenkankers zouden kunnen genezen.) El Abrazo de la Serpiente vergeet de pijn van de indiaan zélf gelukkig nergens. 'Hoe kon je je zo laten transformeren, je bent een halfbloed!' Monniken komen indianenjongetjes nieuwe namen en trauma's geven. Later belandt de film op veel bekender terrein – ondanks al die 'onontdekte' plaatsen. De witte mannen gaan ten onder in een Herzogiaans 'heart of darkness'. Ze worden gedwongen iedere waarheidspretentie op te geven. 'Echter dan wat jij echt noemt'. Met een simpel plantje pijlsnel naar de kosmos. En weer terug.

maandag 12 juni 2017

The Wailing

'What fucker kills people!?' Enkele reis naar het Koreaanse hinterland. Een modderpoel waar de stroom continu uitvalt. We kennen de taferelen van Memories of Murder, dé klassieker in het Koreaanse policier-metier. Even lijkt ook The Wailing die grimmig humane kaart te spelen. Het regent aan een stuk door, en als het meest christelijke van de Aziatische landen is Korea goed voor wat Se7en-shit. Maar al snel kondigt een schrikmomentje de ware aard van dit horrorverhaal aan. De dochter van een dikke politie-agent verschijnt in een bloedrood truitje bij het ontbijt. Zo plotseling, dat ik opveerde. Dat moet de bedoeling zijn geweest. De geest ontsnapt uit de fles. Letterlijk. De dorky futloze cop oogt niet bepaald als de man om de boel 'recht' te breien. Sterker nog, iemand moet zíjn politiepetje rechtzetten. Eten kan hij wel, in Daytime Drinking establishments. Ik ging daar natuurlijk helemaal in mee, maar het leipe gedoe duurt maar kort. Koreanen blijken een kei in keihard exorcisme. Volslagen over the top. Tegelijkertijd klinkt het oorverdovende getrommel oprecht bezwerend. Geestespijn in Dragon Ball-Z style. Waar houdt het fantoom op? De transformatie van El Gordo verloopt bizar vlot. Ooit was ie sul, nu leidt hij een posse. 'Can anyone make sense of what's happening here?' Ik niet, maar vraag me wel af: hoe zou deze film in godsnaam in Japan ontvangen zijn?

Weiner

'She knows two Anthony Weiners.' Als er één film bij het Amerikaanse verkiezingsjaar past... Daar zien we in een flits Trump al: 'We don't want perverts as mayor'. Het zou grappig zijn, als het niet om te huilen was. Het heetgebakerde standje Weiner struikelt hier over zijn eigen ijdelheid. En anders had de mediacratie hem wel met gestrekt been gevloerd. Weiner's aantrekkingskracht lag altijd al in het overschreeuwende. De schrielkip krijst op de senaatsvloer wat af. Hij geeft het zelf toe, hij kickt op aandacht tot ná de ondergang. Tot zover niets nieuws onder de zon. Sneue machtsmannetjes zeulend met hun testosteronbom, en dan is Weiner eigenlijk nog een brave, vergeleken met Berlusconi, DSK of – dichter bij het Amerikaanse huis – Spitzer met zijn dure escorts. Wat Weiner als docu zo geweldig maakt, is juist zijn eigen tegenhanger. De sterke vrouw. Weiner verschrompelt vergeleken met Huma, de hoge Clintonite. Zíj heeft de touwtjes in handen. Haar dodelijke blikken als 'r wéér een seksschandaal ontploft. Meer en meer ging ik denken: 'cuckold gets his cock out'. Dat neigt echter teveel naar Huma de schuld geven. Het laatste uur spartelt Weiner tegen, achtervolgd door Antonioni's paparazzi. Hij wordt collateral in de carrière van een ander. Misschien geilde hij daar nog het meest op. Vernederd worden. 'That blind spot was a pretty big one.'

zondag 11 juni 2017

Land of Mine

'Kein zeit fur Selbstmitleid!' De pietluttige details uit een oorlog zijn filmisch vaak interessanter dan de grote veldslagen. Denk aan het verhaal van 'allochtone' soldaten in Indigènes. Ook Land of Mine vertelt er eentje. De kustlijn van Denemarken werd door de Duitsers in een mijnenveld omgetoverd. Ná de nazi's zitten de Denen met het probleem. Een soort 'verschroeid' strand. Oplossing? Ze laten krijgsgevangenen de boel opruimen. Even lijkt deze boetedoening eigenlijk heel terecht, en bijna galant. Geen enorme terugbetalingen, maar een zeer reële, fysiek nuttige gunst. Nu lijdt jij voor ons. Helaas blijken de mijnenruimers geen hoge piefen of oorlogsschurken, maar mennekes van zestien. Volkomen verdwaasd en verdwaald. En de Denen, die beginnen al snel verlekkerd met hun wapenstokjes te zwaaien. Nu kunnen ook zij zich lekker nazi wanen. De omkering wordt al snel flauw, zoals de film toch wat teveel op schreeuwend b-film niveau blijft hangen. Meer gewroet was op zijn plaats geweest. Wanneer is bijvoorbeeld het gevaar tijdens het demonteren van een mijn eigenlijk geweken? En zou je op zo'n strand patronen in de plaatsing gaan zien? Toch wordt het tussen het nagelbijten door wel aandoenlijk. Een pluspuntje ook voor de aangename flashbackloosheid. Op zo'n strand is er alleen nu. Met zijn allen gevangen in een Hurt Locker. “Ich will nach hause.'

The Daughter

'You do nót need to be scared of the truth'. Ieder zijn geheim in deze moderne Ibsen-bewerking. De mens en zijn relaties, het blijft een onuitputtelijke bron van ellende. Hoewel men de setting naar Australië verplaatste, heeft pater familias George Rush eigenlijk precies de juiste, autoritair gegroefde Norenkop. Als de rijkaard van een dorpje weet hij zijn tentakels ver uit te werpen. Geld wordt rondgestrooid. En niet alleen geld natuurlijk... In het ouderwetse klassenspel merk je dat de 'feodale switch' richting 'nu' een wat te lastige uitdaging voor het scenario vormt. Niettemin houdt ook de piepende en krakende poging iets liefs. Het eergevoel van de working class verwarmt. De familialiteit onderling. 'Toast kiss!' Bovendien wordt het Australische 'winter'landschap aardig benut. Zoveel bomen op een rij, allemaal alleen. In het natuurschoon ritselen jonge telgen, en ander aangeschoten wild. Vanuit het verre Amerika arriveert de grote onthuller. De ontwortelde zoon van de rijkaard zit zelf in de knoop, en besluit de boel maar eens op te jutten. 'You still got mom's car?' 'Why wouldn't I.' Typisch plaatselijk gevolg: drinking games. En dát kunnen de Australiërs als geen ander. De bruiloft gaat in de hens, terwijl de soundtrack maar doorgalmt. Ik kreeg zelf ineens zin om Silverchair te draaien. Teenangst in the outback. 'Grace left me'.

zaterdag 10 juni 2017

El Botón de Nácar

'Vanaf de droogste plek op aarde hebben astronomen in heel de kosmos water ontdekt.' Tegen de ijle, paarse lucht van de Chileense woestijn steken rijen aan telescopen indrukwekkend af. Regisseur Patricio Guzmán neemt de kolossen als beginpunt van zijn meanderende auteursdocu. Heerlijk vrij associërend, maar de kracht zit niet eens zozeer ín de verbanden maar in de verhalen. Ondanks de fijne subjectivistische vorm wint de inhoud. (Is dat geen 2-0 voor de maker? Ik dacht het wel!) Guzmán spreekt zelf wat overdreven articulerend de voice-over in. Zo sloom, dat het een 'leer Spaans'-cursusje lijkt. Later gaat hij werkelijk op taalles, bij de indianen van Patagonië. Van macro-oneindigheid belandt hij zo in die ene geconcentreerde micro-druppel, waarin de wereld blinkt. De indianen werden ook in Chili door de kolonisten uitgeroeid. Wat rest zijn flarden herinneringen. In een segment van werkelijk onwaarschijnlijke schoonheid portretteren naakte indianen het oneindige. Sterren tot in hun solar plexus. Het almaar uitdijende universum teruggebracht tot het meest aardse doek. Zo maakt Guzmán langzaam een case voor zijn país als het meest bijzondere land op aarde. Daarvoor hoef je eigenlijk alleen maar naar de kaart te kijken. En dat doet hij dan ook. Hij besluit ergens tussen hoop en vrees. De ellende na Allende. Sereen en grimmig.

Belgica

"Een fokking café!?" Oorbelletje in dat lelletje en allez hop, flashback naar de nineties. Primal Scream en Pavement-posters hangen nog aan de muur. “Helemaal de max.” Twee Belgische broers beginnen een concertkot, in oude krakersstijl. 'Marginalen' en dansende vrouwen bezetten de vloer. Stomende seksgod Davy Coppens het podium. De broertjes Soulwax verzonnen de kekke acts met hun fictieve hits. Vooral de electro-vrouwen weten in wilde uitdossingen van wanten. Het muzikantensfeertje mag er sowieso zijn. 'Stevig geurke.' Al het geld van de twee broers verdwijnt intussen in de afgrond van het honk. Zolang niemand zich druk maakt om plot swingt Belgica als een zwangere tiet. België oogt Amerikaanser dan Nederland dat ooit zou kunnen doen. Meer chaos en meer cowboys. Maar al snel begint er iemand met een kek mobieltje te zwaaien, en ik denk: huh nineties toch!? En alhoewel dat detail op zichzelf volslagen irrelevant is, slaat het scenario plots morsdood. Zeker de oudste – doorgesnoven – broer lijkt steeds meer op Hans Teeuwen die een disconummer nadoet. Elke minuut een paar godverdommes, pardon, hodverdommes. Soapy episodische ruzies uitgevochten op Samson-niveau. De melancholie van de dansvloer gaat in coke en rook op. 'Soms sta ik daar te dansen en dan peize ik: wat doen al die mensen hier?'

vrijdag 9 juni 2017

Elle

Een kat in grijstinten bekijkt het allemaal licht geamuseerd. Baasje wordt verkracht, maar ergens zweemt de neppigheid van reclame-humor. Verhoeven heeft ons meteen weer provocatief te pakken. Is dit een grap of om te huilen? Gaat hij de rape culture fileren, of juist role playing van mensen die enkel door toetakeling nog wat kunnen voelen. Aanvankelijk lijkt Verhoeven ons toch op een serieus spoor te zetten. De thriller met gemaskerde horror-trekjes houdt de kijker stevig aan de stoel gebonden. De mensen lijden Haneke-intens, of nemen elkaar genant kil de maat, zoals bij Ostlund. Isabelle Huppert vormt als ijskoningin het vanzelfsprekende middelpunt. Op en topgetypecast dus, maar wie geeft er zóveel van zichzelf? Helemáál slachtoffer blijkt ze toch niet. Of nou ja. De verleiding van de psychopate wordt velen gewoon teveel. Ze bitst wat af, maar wordt nooit verlaten. Dat heeft allicht te maken met haar gruwelijke verleden, waarin de film bloederig doorschiet. De aloude gevarendriehoek seks, moord en religie bewijst zijn diensten weer. Het zijn oude stokpaardjes voor Verhoeven. De tragische ondertoon verdwijnt langzaam, te gunste van een farce. En da's eigenlijk jammer. De film blijft dik twee uur lang 'een sensation tres speciale', maar stompt door alle narigheid ook af. Dit zijn DSK's fantasieën, achteloos weggeklokt met een goed glas dure wijn.

Arabian Nights: The Restless One

'The director ran away and I'm following.' Een geluidsman draaft achter Miguel Gomes aan. De regisseur poogt zijn eigen film te ontvluchten. Maar dat gaat zomaar niet! Later zien we de crew met stokken een bos uitkammen. Dergelijke leipe meta-momenten zijn altijd aan mij besteed. Het eerste kwart graaft Gomes zich lekker autobio, met dikke postmoderne aanhalings- en vraagtekens. Pessoa-achtig peinzend hoe hij in hemelsnaam een film over de economische crisis moet maken. Ook op de geluidsband loopt alles door elkaar. Chaos is his life. Honderd lagen aan stemmen en geluiden, die niet noodzakelijk verband houden met de beelden. Zoals altijd heeft de vermomde control freak Gomes veel aandacht voor muziek, al moeten we een cliché-minpuntje voor Arvo's Alina rekenen. Andere dwarsverbanden werken wél: terwijl een drumband onhoorbaar swingt, overdenken Portugese werklozen hun malaise. 'Het schip vertrekt met de sleutels van het scheepswerf.' Ergens in de melange begint Gomes aan een adaptatie van Arabian Nights, vol metaforische beesten en 'opgezwollen' bankmannetjes. Sommige tikken raken Europa op de neus, elders wordt het melig, of ronduit saai. Wanneer het bos brandt en de liefde der jongelingen broeit, vindt Gomes zichzelf. 'The meager resources of Portuguese cinema are not compatible with your reveries.'

donderdag 8 juni 2017

The Event

'Let's bring back private property as it was before 1917!' De mensen in de Sovjet-Unie moesten bizar ver terug om hun wensen uit te drukken. Die dekselse communisten bleven maar overleven. In hun nadagen maakten de hardliners echter toch een cruciale fout. Gorbatsjev werd aan de kant geschoven – het gerucht op de pleinen gaat dat ie dood is – en een coup d'état is een feit. Deze tegenzet deed de perestrojka ontploffen, in het gezicht van de bovenbazen. De mensen durfden nu wél naar buiten te gaan, met Animal Farm-taferelen op de spandoeken. In The Event laat Lozhnitsa de oude beelden voor zich spreken. Net als de communisten weet hij wel raad met massa-observering. Zelfs wanneer de journaalbeelden niet door een eigen crew zijn geschoten, vindt hij zijn eigen, unieke ritme. Sereen met grimmige ondertonen. We zien een engelachtig blonde man met een racefiets aan de hand. Wat later flitst hij - in het zadel - voorbij. De fragmentarische teksten bewijzen dat tijden niet veranderen. Het is net Kiev. 'Vrienden, laat een ambulance door.' Een dichter ontwaart als een echte Oude Rus de poëzie in de gebeurtenis. 'Jeltsin, colossus of promise, rises.' Praten kunnen ze wel. Maar veranderen? De kwieke Peterburgse burgemeester Sobchack wekt een energieke indruk. Later fungeerde hij als mentor van Poetin en Medveded. Ik bedoel maar.

An

Heel Japan Bakt. Zoete pannenkoekjes met bonenpasta, ik moet er echt niet aan denken, maar daarin blijk ik zelfs binnen deze film niet de enige. De 'nandeska's', 'nandés' en stijgende 'ehhh's' spetteren hier weer van het scherm. Alle clichés van Japan rond één rondom koekje. Soms schiet regisseuse Kawase door. Alwéér een cherry blossom tree. Zijn er dan echt geen andere Japanse bomen met enige symbolische betekenis? Kawase dwaalt zo wel erg ver af van de grimmige arthouse waarmee ze haar carrière begon. Ze belandt op 'laat' Van Sant-terrein. Een soort Finding Forrester. Wijze, lieve oudjes met eenvoudige lessen. Mijn dinsdagen met Morrie in een poffertjestent. De meer verontrustende verhaallijnen raken in het underwritten scenario snel op de achtergrond. Tevergeefs focuste ik op het eenzame high school meisje en de langs stormende treinen in de wind. Het arme meisje hangt er maar wat bij. Het gaat om de doriyaki-kok en zijn nieuw maatje. Een gollemig wezentje met misvormde handen. 'Ik laat jou de potten tillen'. Als bonenfluisteraar verklapt zij de geheimen van het antropomorfisch koken. Het vrouwtje laat kwetterend genieten van het leven. 'Piu piu piu piu.' Haar onvermijdelijke afscheid zet een bitterzoete punt, maar Kawase rekt het slot om onbegrijpelijke redenen eindeloos. Branden die koekjes toch nog an.

woensdag 7 juni 2017

Captain Fantastic

'Unless it comes out of a fucking book, I don't know anything about anything!' In welke 'echte' wereld wil je leven? De overspannen urban consumptiesamenleving, of de fantasiewereld van pa, ergens diep in de bossen. Het tweede lijkt wellicht het Platoonse ideaalbeeld, maar net als alle Mosquito Coast-nuts verliest Captain Fantastic (Viggo Mortensen) de medemens uit het oog. Hij slaat op zijn eigen manier óók door in individualisme. Het sterven van ma doet hem met zijn talrijke kroost alsnog richting shopping malls trekken. Pa doceert. 'Most of our fellow citizens engage in frenzied shopping as their primary form of social interaction.' De Little Miss Sunshine-karavaan werkt als komedie het best wanneer er op koopjesjagers en white trash wordt gehakt. Het dissen van christenen gaat al een tandje moeizamer, en een paar kilometer verder is de lol eraf, ondanks wat Esperanto. Toch meer drama dan komedie, alle weemoedige Sigur Ros-songs hadden het aangekondigd. The Wolfpack van pa slaat aan het knorren, en de façade van pa begint vanachter zijn Dennis Wilson-looks af te brokkelen. Vooral zijn relatie met de oudste (en dus) meest onderdanige zoon is bij vlagen intens. George Mc Kay lijkt werkelijk op Viggo. Ik gniffelde intussen om Amerika in één beeld van niets: het elektronisch inschuifbare afstapje van een camper.

The Neon Demon

'It's gonna be a closed set.' Refn op pad in de modellenwereld. Het wachten is op het moment dat de dekselse Deen zíjn Love 3D gaat maken. Het moment kan echt niet ver weg meer zijn. In The Neon Demon houdt ie het – aanvankelijk – nog best chique. Stroboscopisch knipperende beelden uit LA by night. Softsynths van Cliff Martinez zoemen weemoedig, de dure decors bevolkt door ijskoninginnen en skeletten. Beats sporen de opgepompte lichamen aan, als kijker krijg je de neiging het volume ook maar eens goed op te krikken. Maar dan gebeurt er héél lang niets. Wonderland-meisje Elle Fanning zet haar eerste schreden in de bekende(n) wereld, en verandert al snel in een bitchje like any other. Keanu Reeves hangt de ware dissonant uit. De sjoemele baardman is zo de leukste in een matige film. Hij probeert het niet eens meer, maar schmiert als Randall uit Clerks. Heel vroeg kadert Refn zijn film af. Drie moderne heksen omsingelen het jonge onschuldige ding. Shakespeariaans, en je weet hoe dat gaat eindigen. Lynch had samen met zijn hoppermannekes de modellenwereld van LA eigenlijk ook afdoende doorgeprikt. De ballon zat al vol gaten, hoe moet ie dan nog krijsen? Net als ik ga mokken dat de film zelfs wat braaf blijft, gaat Refn in het laatste kwart alsnog lekker los. Giallo meets Ferrara. WTF. 'Gigi just got out of the body shop.'

dinsdag 6 juni 2017

Brooklyn

'I'm away to America'. Het Ierse meisje Eilis trekt naar het beloofde immigrantenland. Haar ogen schitteren blauw als de zee, en in de zwarter dan zwarte pupillen branden kleine kooltjes heimwee. Op de boot volgen wat broodnodige tips, en daar gaat ze. 'Through the blue door'. De States zijn in de fifties al helemaal in het consumerisme-paradijs veranderd. Looks zonder inhoud, maar je krijgt er wél een korte cursus in de oppervlakkigheiden. (Wat op zichzelf dan wel weer iets diepzinnigs heeft). Het warenhuis waar Eilis gaat werken loopt uiterst gestroomlijnd, net als haar nieuwe leven. Verfrissend wel. Het meisje wordt uitgebuit noch verkracht. De katholiek is zelfs lief voor haar! Zo ontmoet de immigrante geen melodrama, maar nietszeggende dinner conversation aan de tafel van haar boarding house. Onversneden witte nostalgie, met kleine referenties aan John Ford. Het uiterlijk van de film straalt ook enkel onbekommerdheid uit. Mooie kleurpaletjes, ieder jurkje precies op het shot afgesteld. Mad Men-retro. Op het moment dat Eilis haar eigen schmierende Brando vindt, begon ik stiekem toch naar een krasje of wat duisternis te vervangen. Die weet de film echter pas terug thuis tevoorschijn te toveren. Da's (te) laat, en met wat teveel mededogen voor de hoofdrolspeelster bovendien. USA is: leren terugblaffen als iemand je de waarheid vertelt. Een monogaam drama.

James White

'That's all you do James, take breaks.' Een slacker met agressieve trekjes, kan dat eigenlijk wel? James White leeft als Jan Salie met zijn maffe moeder. Hij wandelt permanent opgefokt rond, als een bokser net voordat ie de ring in moet, maar iets uitvoeren, daar komt het toch niet van. Zelfs afgetrokken worden lijkt iets vermoeiends voor hem. Rondspringen in de disco op Ante Up. Dát kan. Of zijn beste maat uitlachen, die als entertainer werkt. Enkel een woede-aanval kan James af en toe uit de lethargie doen ontwaken. Zo levert zijn leven eerst een lekkere goofball-film op met een duister broeiend randje. Een weemoedige song van James (de band!) leidt de toch behoorlijke verrassende 'change' in. God, wat houd ik van films die achteloos van genres weten te wisselen. De achtergrond wordt de voorgrond, en de man die zijn leven lang op de achtergrond lummelde, pakt nu de heldenrol op de voorgrond. Moeder was al ziek, maar wordt zieker. James was al bezorgd, maar wordt bezorgder. In het licht van het einde krijgt zijn gefrustreerde Joran-hamvraag hier een diepere betekenis. 'Would you dispose of a dead body for me?' De slagen des leven blijven op James' stevige lichaam neerkomen. De woekerende kanker van magere ma wordt soms al te realistisch getoond. De stank van dood. Adembenemend. 'Say something. I've shown you everything.'