maandag 16 augustus 2010

The Panic in Needle Park

Zie 'm daar aan komen wandelen á la Richard Ashcroft in Bittersweet Symphony. Al Pacino vult meteen het scherm met zijn présence en dat in zijn eerste grote rol. Hij speelt een hosselende junkie, die vriendschap sluit met een arty meisje (Kitty Winn) die hij op een van zijn wiet-bezorgklusjes tegenkomt. Winn dreigt eerst te worden weggespeeld, maar weet gaandeweg ook wel indruk te maken. Zodra ook zij wordt aangestoken door verslavingen, ironisch genoeg. Twee goede rollen, dat moet een geslaagde film maken zou je denken, maar dat valt toch tegen. De film blijft eigenlijk steken in de sfeer van het begin en weet daar niks meer aan toe te voegen. Misschien had 'het meisje' en haar achtergrond nog wat meer aandacht verdient. Waarom blijft ze bij Pacino die duidelijk hopeloos is voor haar leven. En dat is zacht uitgedrukt want ze eindigt als hoer. Schrijnende momenten als ze het met een totaal onervaren jongetje doet en met een treurige glimlach vraagt 'was dit je eerste keer'. Aan het einde is er voor het duo niks veranderd, eeuwige ronddraaien in negatieve cirkeltjes, het zal realistisch zijn, maar uiteindelijk weet de film toch niet écht onder hun en mijn huid te kruipen.

Geen opmerkingen: