Posts tonen met het label Don Argott. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Don Argott. Alle posts tonen

vrijdag 12 juli 2013

Last Days Here

Hier leren we dat er vier mensen vereist zijn om één verslaafde overeind te houden. Je zou er haast cynisch van worden, maar het mooie aan de Last Days Here is dat je denkt: zo hoort het, een mens is een mens. De zanger van Pentagram is de verpersoonlijking van de muziekdocu-loser in maximum overdrive. Het eerste half uur is haunting. Zacht uitgedrukt is Bobby Liebling een gestoorde zombie. Hij woont in de 'sub-basement' van zijn ouders ('I've been Peter Pan all my life') waarmee we bij het goede daden-team zijn aangeland. De ouders van de man zijn een docu op zichzelf. Moeder is excentriek, pa een rijke overheidsfunctionaris die een flink deel van de verdiende centjes in zoon's drugsverslaving heeft gestoken. Ja, het zijn 'enablers', maar het is duidelijk dat Bobby al jaren dood zou zijn zonder hen. Waar de ouders hun kind enkel op héél basaal niveau in leven kunnen houden is muziekfan Pellet (de kerel links op de foto) de echte engel van dienst. De Lou Barlow-achtige kerel zoekt de zanger op, en weet het onmogelijke te bereiken. Bobby verlaat de kelder. Mooi is dat Bobby's (en niet Pellets!) karma meteen beloond wordt met een engel zoals de zanger ze zélf graag ziet. Een blond meisje. Het is bíjna sneu voor fanboy Pellet, die prompt aan de zijlijn belandt. Maar ja, als je ziet wat er na die eerste stap wordt bereikt. Ongelooflijk. Je zou voor minder hoop in de mensheid krijgen. Is Phil Anselmo trouwens een typetje van Hans Teeuwen?

donderdag 28 juni 2012

The Art of the Steal

Als advocaat van de duivel probeerde ik nog een tijdje te denken 'ach het zijn maar wat papiertjes met verf' en 'ja zo'n testament, dat geldt toch ook niet voor eeuwig'... Tja. Het zijn inderdáád geen schilderijen meer, maar onverhandelbare goudstaven, die machtswellustelingen graag willen hebben. En je kunstcollectie 'voor eeuwig niet uitleenbaar en verkoopbaar' verklaren, is niet houdbaar, maar dan nog mag je er als dode toch vanuit gaan dat ze een jaartje of honderd je laatste wens respecteren. We leren in deze fijne, typical American Story, dr. Barnes kennen. Een man die zijn fortuin in de medicijnen vergaarde, maar met een working class achtergrond, die (daarom?) graag de elite jende. (Beste stunt: het beheer over zijn collectie aan een black university geven... Vinden de dure Philly Perelmannetjes níet leuk!) Barnes hing zijn honderden werken (van Matisse en Renoir e.d.) in een eigen gebouw, allemaal dicht op elkaar, nauwelijks commercieel geëxploiteerd. Dit is zo mogelijk een nog veel grotere schoffering, althans, volgens de kunstwereld. (Die zogenaamd het beste met de werken voor heeft, maar alleen aan money, money, money denkt.) Dus zinnen ze op een manier om de werken in hun bezit te krijgen. En zoals we weten regeert er maar één ding in het kapitalisme. Je kan een moord plegen, je kan banken laten omvallen, als jij de backing van the powers hebt kom je er mee weg. Dit wordt volkomen eenzijdig (heerlijk eenzijdig zelfs) uit de doeken gedaan door afficionado's van Barnes. Geweldige figuren, die met smaak vertellen. Mijn favoriet: het Woody Allen-achtige mannetje dat tijdens een demonstratie een interview aan de docu staat te geven, en dan ineens PHILISTINES!!! schreeuwt. Hierboven op de foto. Maar er zijn meer ster-karakters. Ook in het slechte kamp. De aalgladde ambitieuze Richard Glanton, die de kunstcollectie mee op tournee neemt, een verdedigbare zet, maar tevens het begin van het einde. En dan de gouverneur van Pennsylvania – Oh Amerikaanse democratie!- kennelijk nog altijd diezelfde louche types als uit All The King's Men.