Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht i'm not there. Sorteren op datum Alle posts tonen
Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht i'm not there. Sorteren op datum Alle posts tonen

woensdag 10 juni 2009

I'm Not There.

Nee. Lekker ambitieus dat wel, een achtbaan van ideetjes en verhaaltjes. Ergens zeker indrukwekkend, maar toch. Misschien toch te moeilijk voor de niet Dylan-kenner. (Al is de razendsnelle verwijzing naar het motorongeluk wel geinig) Het 8 1/2-gedeelte vond ik hier vooral irritant (Terwijl Woody wel een leuke imitatie deed) Ik ging zelfs een beetje voor die Engelse journalist zitten "rooten". Muzikanten en hun gezeur tegenover de media. Van het Billy The Kid-stuk begrijp ik sowieso al geen zak, al was het design wel mooi Tim Burtonesk. Zelfs de (goh, prima) muziek had iets van een gehaaste zapshow. Iedere dertig seconden een ander Dylan-liedje en dat twee uur lang...

dinsdag 7 juni 2011

Life During Wartime

Van Happiness is (wellicht abuis) blijven hangen dat het een soort gênant-grappige film was. Van grappen is in dit vervolg nauwelijks sprake meer. Of het moet de poster van I'm Not There zijn die ergens ophangt. (Alhoewel, ik verwar hier Haynes met Solondz, oeps!) De film is eigenlijk ook minder gênant, in het begin vertelt een moeder nog aan haar zoontje hoe ze helemaal nat werd op een date. (En niet van de regen.) Maar later krijgt de film een soort desolate suburbia-stilte over zich, met heel veel fraaie toneel-achtige teksten. (Charlotte Rampling doet dat vooral goed in een korte scène als een gefrustreerde femme fatale). Ik zou bijna liever het script van deze film lezen dan de film zien.... Minst interessant zijn de akkefietje van de telefoon-rukker en zijn vriendinnetje. De film is vooral goed met het jongetje (wiens pa zich had vergrepen aan vriendjes). Hoe moet je in godsnaam leven met het idee dat je pa zó'n smeerlap is. De jongen raakt dan ook helemaal in de war.

dinsdag 11 augustus 2009

Bound for Glory

Leek in 't begin op weg naar een superfilm, maar zakt dan weg naar een (nog altijd zeer fijne) biopic. De opening is magisch. Woody Guthrie leeft in een stoffig dorpje, hangt doelloos rond, pingelt wat op gitaar, functioneert als een soort waarzegger en geneest mensen als ware hij een Christusfiguur. Op dat moment had ik ook nog niet door dat 't echt over dé Woody Guthrie moest gaan. Het leek eerder I'm Not There met een verzonnen mythe rond zijn "persona". Het is de tijd van de Depressie dus vertrekt Guthrie, overigens gespeeld door, jawel, David Carradine, naar Californië. Dat betekent rijden en knokken in boxcars en de sfeer van Steinbeck's Grapes of Wrath, begeleid door een zoet Cavatina-pingeltje op de soundtrack. Guthrie belandt in een armoedig tentenkamp, waar hij de geest ziet door een vakbondsman. Hier, zo ongeveer na driekwartier, begint voor mij de gewone biopic, met struggles op alle vlakken, terwijl Guthrie voor de goede zaak vecht. De man wordt steeds irritanter, zijn sullige goeiigheid uit 't begin is verruild voor betweterige koppigheid (ook al heeft ie natuurlijk 't gelijk aan zijn zijde) De film verwijst niet expliciet naar zijn latere ziekte, alhoewel dat wel een verklaring zou kunnen zijn voor zijn agressie en grilligheid. Recap: het eerste stuk emotioneert, daarna kabbelt 't degelijk. Het eerste is echter meer dan genoeg voor een 'niet te missen'-stempel.

dinsdag 3 juli 2018

On the Beach at Night Alone

'I make films but I'm not normal.' Elke keer concluderen dat Hong steeds dezelfde film maakt, dat heeft weinig zin. Laat ik dan benadrukken dat On The Beach volwassen aanvoelt. (Dus toch anders!) Die rijpheid heeft zo zijn voor- en nadelen. Een beetje nadenken kan nooit kwaad, maar er kruipt ook een vleugje normaliteit in het scenario, een soort standaard arthouse-drama. Gelukkig komt er al snel een lijp keyboardje tevoorschijn. Hong maakt van het Oude Europa een intieme plek. Hij documenteert het stadsleven van twee nuffige vriendinnen, ontsnapt uit het beknellende Korea. 'Men here are kind.' In een oogwenk en een camerawenk belandt de film echter tóch weer in de natuurlijke habitat. Heel vertrouwd is ook het meta-aspect. Eén van de twee vriendinnen heeft als actrice een buitenechtelijke relatie gehad met een regisseur, die nu door een crisis schijnt te gaan. De regisseur? Hong zelf natuurlijk. Van groot belang lijkt dat verder niet. Het gaat om de rake subtiliteiten. De actrice doet haar jas pas open als een vervelende man vertrekt. Een koukleum doet zijn jas juist meteen uit. De glazenwasser wordt genegeerd. Onhandige mensen, die op een lieve manier raar doen. Dat is dus eigenlijk héél normaal (maar vreemd om in een film te zien). De aarde rondt zijn omwentelingen, en Hong wentelt ons weer in aardse herhaalrondjes. 'I just... was there.'

dinsdag 16 juni 2009

The Last Days of Disco

You can't worry about what misinterpreters think! Derde en tot op heden laatste Stillman. Up there met zijn debuut Metropolitan, enkel het verhaal is iets minder gefocust en meer een random sfeerbeeld. Van de laatste dagen van disco dus, wat vanzelfsprekend voor een leuke soundtrack zorgt. Dit is Stillman's film met de hoogste dosis star-appeal, want Kate Beckingsale en Chloë Sevigny vormen het middelpunt als ruziënde huisgenootjes. Eerstgenoemde is arrogant/popi, die het muurbloempje Chloë wel 'ns wat tips zal geven. Niet nodig, want Chloë schittert vanaf het begin, haar fans moeten zeer zeker kijken. Daaromheen zwerven de gebruikelijke personages/acteur uit Stillman's eerdere werk, waaronder Chris Eigeman als gesjeesde student, nu manager van een disco, waar de baas zich met illegale zaakjes bezighoudt. Hijzelf ook trouwens: "I'm not an addict, I habitually use it." In het eerste gedeelte van de film is disco nog booming, maar daarna zijn er ineens beelden van de vernietiging van 1000 discoplaten op een honkbalveld. (Que? Nog echt gebeurd ook!) Waarna disco (dus) sterft. De mensen zijn moe. En aangezien ook de soa's opkomen, zou je haast denken, viel de neergang van disco samen met de opkomst van aids. Chloë lijkt daar ook weer (Kids toch?) het slachtoffer van te worden, maar het is een andere "H". Een aanrader en doodzonde dat die Stillman al tien jaar loopt te puzzelen op z'n next move.