vrijdag 10 juni 2016

Prins

'Ruik, ruik!' 'Niks aan de hand man.' Zomer in Amsterdam-Noord. Een architectonisch filmparadijsje. Zo onwerkelijk licht, zo geconstrueerd, zo 'shiny'. Het is de wereld van Walter van den Berg. Geklier en wapperende handjes in een zogenaamd piekfijn landje. Prins is een film vol Hollandse kneuterigheid, al is het dan in een goed geïntegreerde multiculti Vice-versie. Op het basketbalveldje knallen de kids 's zomers al met strijkers, binnenshuis doet moeder de strijk, en hoofdpersonage Ayoub, die rolt met zo'n machientje de tabak in de hulzen. Voor mama. Iedereen doet hartverwarmend zijn best. Tegelijkertijd heeft niemand een idee. (Een scenario, iemand?) Enkel de eerste tien minuten bevatten enig zinnige richting. Het lullige gehang heeft dan wat weg van Napoleon Dynamite. (Misschien is Nederland ook wel een soort mormonenland.) Ayoub praat als een echte Mocro, maar hij woont wel sinds forever bij zijn Hollandse moeder en halfzusje... Zusje Olivia Lonsdale heeft de stralendste wenkbrauwen van het jaar, reden genoeg om de film te kijken. Het blik rappers had echter dicht mogen blijven. Misschien zal Lil' Kleine ooit onthullen dat zijn bestaan een kunstproject was... Street wordt het niet. Prins raakt het meest als de zon zakt, de muziek van Palmbomen galmt en gammelt, en we wegdromen bij een gestileerde polderjeugd. Rommelvis.

Geen opmerkingen: